Januari 2001

Het jaar begon wat te enthousiast naar Matthijs zijn zin. Hij had het oude jaar in een uitstekend humeur uitgeluid. We waren bij de buren en hij had heerlijk gespeeld met de kinderen daar, was heel vrolijk en actief gebleven en had schandalig veel van al het lekkers gesnoept, waarbij moeders’ zelfgebakken oliebollen favoriet waren. Maar toen het vuurwerk begon was dat goede humeur in een keer over. Huilen en paniek, hij wilde direct naar huis en ik mocht thuis zelfs niet van achter het gordijn voor het raam naar het vuurwerk kijken. Eerst ging hij nog braaf aan tafel zitten, ver weg van de herrie dus. Maar dat was hem nog niet veilig genoeg. Voor het eerst van zijn leventje wilde hij ZELF naar zijn kamer en slapen… dus daar heb ik hem toen naar toe gebracht. Hij begon braaf eerst alles op te ruimen, wilde toen de muziek aan, kroop onder de dekens en wilde een kus. Mamma hoefde verder niet te blijven van hem en toen ik een half uurtje later ging kijken was hij vast in slaap.

De volgende dag was hij gelukkig gewoon weer in een goed humeur en hebben we lekker uitgewaaid op het Bloemendaalse strand.

Op 4 januari ging Daniël voor het eerst zelf zitten. Tim was de gelukkige die het feitelijk zag gebeuren want ik was naar basketballtraining. Ik verwachtte het wel al een tijdje, hij zat er al heel dichtbij steeds. Maar meestal richtte hij zijn aandacht snel weer op proberen tot stand te komen, want dat blijft het allermooiste natuurlijk. Hij zit ook erg stabiel nu, dus hij kan mee in het fietszitje (heel Hollands fiets ik nu met een kind voorop en een kind achterop de fiets) en hij zit ook wat prettiger in bad met zijn broer.

Maar hij staat nog steeds liever dan hij zit. We moeten hem echt overal in tuigjes vastzetten, want hij staat binnen een mum van tijd overeind. En de eerste keer dat ik hem rechtop in zijn kinderstoel zag staan zat mijn hart wel gelijk in mijn keel van schrik. Als je hem op de vloer legt tijgert hij vliegensvlug naar een interessante hoek, zoekt iets om zich aan op te trekken, en beweegt zich langs het meubilair om te komen waar hij wezen wil.

Matthijs kan sinds deze maand een stuk beter met de muis omgaan. Hij stuurt nu echt, en klikt op de goede momenten. Omdat hij geen aangepaste kindermuis heeft blijft het een beetje groot voor zijn hand en klikt hij ook regelmatig op de verkeerde muisknop. Maar hij heeft erg veel plezier met zijn kindersoftware en vertelt me regelmatig heel beslist dat we naar boven moeten gaan zodat hij met de “kompjoeter” kan spelen. Bij het uitzoeken van leuke CD’s voor hem had ik veel aan de site van Maki.nl om een beetje te kunnen beoordelen welke CD’s goed waren voor hem.

Een paar keer per dag hoor ik op besliste toon dat Matthijs “heel boos is” op me. Soms begeleid door een hand onder mijn kin:”kijk me aan, mamma” want je krijgt natuurlijk al je eigen maniertjes terug te zien. Een reden voor zijn boosheid kan hij niet geven, als ik ernaar vraag krijg ik antwoorden als “je moet niet het licht aandoen”. Na een minuut of wat zegt hij dan “zo, nu ben ik niet meer boos” en komt hij met een lieve glimlach en uitgestrekte handen knuffelen om het goed te maken. We denken dat zijn fantasie begint te werken, want hij begint nu ook met poppetjes te spelen, net te doen alsof een stok een slang is, en via zijn knuffelbeesten om bijvoorbeeld koekjes te vragen (“aap wil een koekje”).

Leave a Comment

Your email address will not be published. Required fields are marked *