Voorlichting, kindertaal en een nieuwe auto

Ik had erop gerekend dat ze vooral veel zouden vechten en ruziën, maar ik sta regelmatig verbaasd van hoe lief ze ook voor elkaar kunnen zijn en hoe ze kunnen knuffelen.

Nu Daniël wat meer woordenschat krijgt begint Matthijs ook te proberen een echte conversatie te voeren. Soms lukt dat wel eens een beetje, maar vaker volgt het ongeveer dit patroon: In bad tegen Daniël: “Ben je een aardig Daniëlmonster? Daniël “nah”. Matthijs weer: ben je dan een gemeen Daniëlmonster? Daniël: “nah”. Matthijs moet even nadenken over dit ambigue antwoord. En komt met een overtreffende trap: “Ben je dan een Pappa monster?”. Helaas kwam ook daar alleen “nah” als antwoord op, zodat Matthijs bij Tim ging klagen dat Daniël alleen nee kan zeggen.

Grappige stukjes kindertaal deze maand: Matthijs vertelt dat iets misschien wel in de brand gaat raken. Maar dan zal hij de brandweerman bellen, en die komt het vuur dan “uitwassen”.
Ik vertel Matthijs dat ik iets niet uit mijn hoofd weet, waarop Matthijs vraagt of mijn lichaam het dan wel weet.

Daniël wordt zorgzaam als het eten klaar is, zodra hij het hoort dat het zo ver is begint hij onder het roepen van “ete, ete” iedereen naar tafel te slepen zodat ze kunnen gaan zitten om te gaan eten. Hij spreekt echt een stuk meer, dat gaat nu met sprongen vooruit. Hij “papegaait” ook veel woorden nu. Verder is het een echt puzzelmannetje; hij puzzelt veel en graag. Vreemd genoeg gaat Matthijs daardoor ook puzzelen, terwijl hem dat nooit heeft geïnteresseerd. Praten gaat nog steeds in rap tempo vooruit bij Daniël. Hij vertelt ook braaf dat hij een schone luier nodig heeft. Matthijs ontkende altijd alleen maar dat hij gepoept had, Daniël roept “poep” en “luier” en komt met het aankleedkussen aanlopen. Hoe duidelijk wil je de boodschap hebben?

Hij geeft mij bijvoorbeeld ook een speelgoeddinosaurus van Matthijs en zegt dan “stout”, wijst op de bek vol tanden van het beest en zegt “bijt”. Ik vind dat wel fascinerend, dan heeft hij dus ook de verschillende dinosaurussen vergeleken en vastgesteld waar het verschil tussen de lieve en de stoute uit bestaat. Het is toch duidelijk een kijkertje en een denkertje.

Woensdag 12 juni was het jaarlijkse schoolreisje van de peuterspeelzaal. Er was een speeltuin gereserveerd, maar helaas regende het dat het goot dus kon dat niet doorgaan. In plaats daarvan werden er spelletjes op muziek in de gymzaal van school gedaan en kon er ook nog een laatste uurtje buiten worden gespeeld. Hoewel het jammer was dat de speeltuin niet door kon gaan was het wel echt genieten om de kids bezig te zien in de gymzaal. Je merkt wel dat Matthijs nu bij de oudsten behoort; hij had het hoogste woord bij alles en nam rustig allerlei initiatieven om de boel naar eigen inzichten leuker te maken. Degene in het midden van de kring mocht bijvoorbeeld een kind uit de kring halen om mee rond te dansen – maar kreeg daar de kans niet voor omdat Matthijs al naar het midden was gerend om daar met haar rond te dansen. Daniël deed een deel gezellig mee, en was een deel leuk elders bezig met zijn eigen spelletjes (balgooien, knotszwaaien). Al met al dus toch wel een geslaagde ochtend voor ze.

Verder was het deze maand vaderdag. Een hele dag verwennen zit er niet in dit keer, maar een uitgebreid Engels ontbijt *inclusief* gerookte vis en de klassieke ‘bacon & eggs’ hebben we met zijn drieën wel op bed kunnen brengen. Daniël lust inmiddels ook eieren en meteen zelfs zo graag dat hij de schaal uitlikt. Matthijs maakt het nog bonter; die eet ze momenteel met schaal en al. Het is vast heel goed voor zijn botten…

Vandaag begon Matthijs toevallig met de vragen over hoe de baby in de buik komt. Ik probeerde dus heel hard om alleen antwoord op zijn vragen te geven om te voorkomen dat ik hem zou bombarderen met een technisch verhaal dat hem boven de pet zou gaan.
Mamma, hoe komen babies in de buik?
“Pappa’s hebben zaadjes en mamma’s hebben eitjes en als een zaadje en een eitje samen komen dan kunnen die een babietje maken dat dan in de buik groter gaat groeien”.
Maar jij hebt dus geen zaadjes?
“Nee, mevrouwen hebben alleen eitjes”
En pappa heeft geen eitjes?
“Nee, meneren hebben alleen zaadjes”
Heb ik ook zaadjes?
“Nee, pas als je een meneer geworden bent”
Hoe maak ik de zaadjes dan?
“Dat doet je lichaam voor je, net zoals je lichaam plas maakt van drinken.”
Maar hoe weet ik dan wanneer ik dat moet doen?
“Als je lichaam denkt dat je een grote meneer kunt worden, dan krijg je haren onder je armen en bij je piemel, net als Pappa. En dan gaat je lichaam vanzelf ook zaadjes maken”.
Oh, kan ik dan ook onder mijn armen scheren en mijn benen scheren?
“Ja lieverd, en ook je baard scheren, want die gaat dan ook groeien”.
Moet ik dan een sneetje maken in mijn buik om zaadjes te halen?
“Nee Matthijs, tegen die tijd komen de zaadjes uit je piemel”
Maar hoe komen ze dan bij de eitjes in de buik? Gooi ik ze?”
“Meneren kunnen hun piemel bij mevrouwen in de vagina stoppen en dan kunnen de zaadjes uit de piemel naar de buik toe komen”
Maar hoe doet de piemel dat dan?
“Als je haren bij je piemel krijgt wordt je piemel ook groter en dan kun je er meer dingen mee doen Matthijs”.
Oh. Dus als ik een meneer ben kan ik jou helpen nog een baby te krijgen hè?
“Dat zien we tegen die tijd wel weer”. *zucht*.

Matthijs begint met vrienden en vriendschappen. Hij probeert ook “beste vriend” uit al is het nu nog wat willekeurig “Kijk Matthijs, dit is Robbert, die is net zo oud als jij”. “Robbert is mijn beste vriend van de hele wereld“. Waarop Robbert angstig begint te roepen “Nee, nee!”.

De kinderen zijn deze maand ook via de landelijke campagne ingeënt tegen de Meningokokken C. Ik was bang voor een massale gebeurtenis vol huilende kinders waar je in groeiende zenuwachtigheid je beurt moest afwachten, maar dat viel echt 100% mee. We konden gelijk doorlopen, hebben maximaal 1 minuut per tafel moeten wachten (er waren drie tussenstops om formuliertjes in te leveren en stempels te krijgen e.d, voordat je bij de echte “priktafel” kwam). Ik had Daniël verteld wat er ging gebeuren, en Matthijs gezegd dat hij hard au mocht roepen erna en als het pijnlijk was even kon huilen, waarna we een ijsje zouden kopen om te troosten. Die ochtend had Matthijs al aangekondigd dat hij wél au zou roepen maar niet zou huilen. Bij het vaccineren vergat hij dat zelfs en vertelde me desgevraagd dat het ook niet genoeg pijn had gedaan om au te zeggen. Vanwege de associatie met het troostijsje wilde hij eigenlijk nog wel een prik ;-). Ook Daniël keek alleen een beetje verbaasd en heeft geen kik gegeven. Daarna zijn ze ook niet ziek of huilerig geweest, alleen had Daniël diezelfde week twee dagen wat last van zijn darmen maar dat kan net zo goed puur toeval zijn want dat hebben kinders wel vaker zo maar.

Daniël’s tand is weer gevonden; hij groeit weer terug maar heel hoog op het tandvlees, daar waar je lip begint. Volgens de tandarts kan dat geen kwaad, het heeft zeker geen haast dus hij zal er bij een volgende controle eens naar kijken.

Matthijs is heel erg toe aan de kleuterschool. Hij mist de uitdaging en is zowel op de peuterspeelzaal als thuis regelmatig totaal onuitstaanbaar. Helaas kan ik hem ook niet zoveel uitdaging bieden momenteel; de laatste loodjes van de zwangerschap zijn niet zo licht dus ik kan niet zo heel veel meer. Hij mag na de vakantie niet gelijk op de kleuterschool beginnen, maar wel iets eerder dan zijn verjaardag; ongeveer per 1 september waarschijnlijk.

We hebben deze maand ook weer eens een weekend in België doorgebracht bij vrienden. Hun jongste zoontje had een communiefeestje en dat was erg gezellig. Heerlijk gegeten (hij is traîteur) en eindelijk ook eens een ijslam kunnen bewonderen. Daar hadden ze het nu al jaren over, hoe de kinderen bij die gelegenheid een taart kregen met een lammetje van ijs erop, waarbij *in* het lammetje een suikercapsule met rode saus zat. Het gelukkige middelpunt van de festiviteiten mag dan het koppie eraf slaan, waarna de suikercapsule natuurlijk breekt en de rode saus laat lopen. Kinderen zijn gek op dat soort dingen en ik merk dat het kind in mij ook nog heel dicht bij de oppervlakte zit want ik moet daar ook erg om lachen. Dus ik was blij dat ik het “slachten van het ijslam” nu ook eens in het echt mocht meemaken.

Daarna was er een voetbalwedstrijd voor alle genodigden. Zelfs Matthijs en Daniël konden meedoen, hoewel die voor hun team meer een handicap dan een aanvulling waren. Daniël besloot midden op het veld te gaan liggen en Matthijs vond het allemaal niet snel genoeg gaan. Dus nam hij zijn eigen bal en ging dwars door het veld naar de verschillende doelen toe om te scoren. Als hij dan in de buurt van de echte wedstrijdbal kwam die stillag omdat er bijvoorbeeld een corner of een vrije schop genomen moest worden schopte hij ofwel enthousiast direct tegen die bal aan, ofwel nam hij de bal in zijn armen om hem naar een ander deel van het veld te brengen. Hij was wel enorm enthousiast, heeft zich helemaal wezenloos gerend en kwam me na afloop opgetogen vertellen dat hij “heel goed gespeeld had”. De overwinning werd natuurlijk gevierd met champagne voor alle deelnemers. Daniël is wat kieskeurig; de kinderchampagne vond hij wel redelijk, maar het echte spul is natuurlijk véél lekkerder…

Verder zijn ze deze maand eindelijk begonnen met de nieuwe badkamer. De planning was dat die tegen 1 juli klaar zou zijn, maar helaas lopen er altijd weer dingen uit en begonnen ze pas eind juni. Aangezien de aannemer 20 juli op vakantie gaat gaan we er maar wel vanuit dat het ruim voor Falco’s komst klaar zal zijn. Op dit moment is het een grote kale bende. Alles is weg en van de muur afgehaald, inclusief de beschermlaag, zodat we momenteel uitkijken op kale bakstenen met gaten en gleuven erin voor de nieuwe leidingen. Maar als het goed is is er nog maar een dagje echt hakwerk nodig en kan er daarna opgebouwd gaan worden. Vloer storten, muren stucen en natuurlijk de tegels er tegenaan. We verheugen ons wel al heel erg op de vernieuwde badkamer (de oude badkamer was inmiddels al zes jaar een doorn in het oog). En gelukkig had de aannemer een nooddouche die ze bij ons op zolder hebben aangesloten zodat we niet helemaal zonder wasgelegeheid zitten. Dat was met twee kinderen pas echt afzien geweest; mét nooddouche is het al niet makkelijk.

Dankzij de goedgeefsheid van Tims moeder hebben we deze maand ook de vurig gewenste nieuwe auto aan kunnen schaffen (nu ja, nieuw voor ons dan). Het is een VW Sharan geworden en wat een heerlijk gevoel geeft dat! Hiervoor hadden we centrale deurvergrendeling al als een luxe gezien, nu hebben we ook nog dingen als airbags, airco en electrische ramen. De ruimte is fantastisch, de extra hebbedingetjes (tafeltjes, drankhoudertjes e.d.) geinig en een automaat blijkt in de praktijk van filerijdend Nederland toch wel erg comfortabel te zijn. Bij de rit naar België deze maand bleek de auto al een enrom verschil te maken; we moesten er niet aan denken hoe we in onze oude auto waren aangekomen na een door grote files tot ruim vier uur uitgerekte rit in de blakende zon!

Leave a Comment

Your email address will not be published. Required fields are marked *