Tanden en eten

Deze maand zijn we weer op bezoek geweest bij Tims moeder. Zijn zuster had al opgemerkt dat ons eerste kind een Engelsman was, nummer twee een Nederlander en dat bij nummer drie de Ieren blijkbaar aan de beurt waren. En inderdaad is er een onmiskenbare gelijkenis tussen de Ierse oma en haar kleinzoon.

Matthijs en Daniël zijn voor het eerst meegeweest met de tandarts. Onze eigen tandarts heeft helaas een hernia, dus we gingen bij een andere tandarts uit de praktijk. Dat bleek een aardige jongedame te zijn dus dat was misschien al wel een lagere drempel voor ze. Maar waar het ook door kwam; ze hebben zich alletwee voorbeeldig gedragen. Toen ik mijn gebit als eerste liet controleren bleven ze braaf stil kijken hoe alles ging. En toen ze zelf aan de beurt waren wilden ze desgevraagd liever zelf op de stoel dan bij mamma op schoot. Iewat angstig kijkend lieten ze de tandarts uitgebreid in hun mond kijken, met lucht tussen hun tanden spuiten en de stoel plat maken. We waren apetrots.

Natuurlijk was er niets op hun gebitjes aan te merken; het zou wel erg droef zijn als ze nu al gaatjes zouden hebben. Ze heeft nog eens goed naar Daniëls omhooggeschoten tand gekeken, maar alles ziet er goed uit daar. Alleen bestaat de kans dat de tand bij het omhoog schieten de kern van zijn “grote mensen” tand heeft beschadigt. Dus daar moeten we de komende vier of vijf jaar nog maar even voor duimen.

Tegen het eind van de maand kwam ik naar beneden ‘s morgens terwijl ik Daniël iets eerder al naar beneden had gestuurd om pap te eten. Toen ik beneden kwam zat hij dat ook braaf te doen… naast een grote beker drinkyoghurt. Zelf de beker gepakt, trapje naar de ijskast gebracht, drinkyoghurt gepakt, ingeschonken, teruggezet, ijskast weer dicht en de beker netjes naast zijn klaarstaande kommetje pap gezet.

Ik heb ook al gemerkt dat hij een creatieve manier heeft om te kijken hoe hij gebruik kan maken van dingen. Zo vroeg ik me af waarom hij plotseling zo dol was op een van de brandweerauto’s. Tot ik zag dat deze auto de auto was met de langste uitschuifbare ladder – en Daniël probeerde met de ladder de speeltjes van bovenop de kast weg te slaan die daar juist stonden om buiten bereik van de kinderen te blijven.

Matthijs blijft een erg lieve grote broer. Hij en Daniël spelen vaak met elkaar, wat niet altijd even vriendschappelijk blijft verlopen. Maar ze geven wel erg om elkaar en kijken toch bij iedere gift, van cadeautje tot snoepje, of de ander ook wel iets krijgt. Tijdens de voorjaarsvakantie heeft Matthijs een nachtje bij oma gelogeerd en Daniël vroeg prompt iedere twee uur of we al naar school gingen om Matthijs op te halen. Tegelijkertijd merkte je dat hij ook wel erg genoot van de onverdeelde aandacht van met name zijn vader (bij mij heeft hij dat natuurlijk al iets vaker, als Matthijs naar school is en hij nog niet). Hij is gelijk ook een stuk minder dwars en veel makkelijker om mee te communiceren.
Voor Falco is Matthijs helemaal een bezorgde grote broer. Zo was ik bijvoorbeeld een keer aan het koken terwijl ik Falco in zijn speeltafeltje had gezet (lekker rechtop vlak nadat hij de fles had gehad, en zo kon ik ook een oogje op hem houden). Hoor ik achter me inene een geschuif van jewelste; duwt Matthijs als een dolle het speeltafeltje met de baby erin naar de voorkamer. “Wat doe je nou?” vraag ik verbijsterd. “Sesamstraat begint mamma, en zo kan Falco ook televisie kijken”.

Falco is deze maand ook begonnen met vast voedsel van een lepeltje eten. Dat gaat zeker in het begin niet altijd even makkelijk. Toen hij erg onwillig leek te zijn en ik daar even flink van baalde vroeg Matthijs of hij Falco mocht voeren. Omdat ik er toch bijzat mocht hij het van mij wel proberen. En dat ging wonderbaarlijk netjes en goed. Matthijs hield hele verhalen tegen Falco, over dat hij toch wel moest happen want dan zou hij een groot jongetje worden en als hij niet at zou hij een kleine baby blijven. Tussendoor vertelde hij dat de hapjes niet te groot mochten zijn, dus lepelde hij keurige porties op en veegde alles keurig netjes af aan de rand van het schaaltje. En professioneel nam hij regelmatig het eten langs Falco’s mond mee op zijn reizen met het lepeltje. In een mum van tijd was warempel het hele schaaltje leeg!

Verder hebben we deze maand ook een weekend in Drente gelogeerd, bij mijn oom en tante. Dat was heerlijk. Een hele grote tuin, waar de kinders enorm in konden ravotten. Bossen vlakbij, een groot huis en natuurlijk ook alle aandacht van de gastheer en gastvrouw. Die allerlei spannende dingen bedachten om te doen die ze thuis niet doen. Zo heeft mijn oom ze geleerd om brood te bakken. Mengen, kneden, nog meer kneden, flink op los slaan, nog meer kneden…. Matthijs vond het erg leuk maar besloot wel dat hij later geen bakker wilde worden; veel te vermoeiend.

Daniël deed helemaal voor spek en bonen mee trouwens. Iedere keer als zijn handen vies werden begon hij te jammeren dat hij zijn handen wilde wassen; en bij deeg kneden is het heel moeilijk om je handen schoon te houden natuurlijk.

Drente was voor de kinderen fijn, maar voor Jimmy was het helemaal een waar paradijs. Naast het aangename gezelschap van Najade, de NewFoundlander van mijn oom en tante, was hij in de bossen helemaal in zijn element. En na het hollen en sjouwen was het heerlijk bijkomen op de koele aarde. Waarbij het met een zwarte hond op die zwarte aarde nog bijna een zoekplaatje werd ook.

Leave a Comment

Your email address will not be published. Required fields are marked *