Nieuwe school

Daniël was begin deze maand gelukkig weer helemaal de oude. Net op tijd omdat we in het weekend logees hadden (een nicht van Tim die we niet eerder “life” kenden met haar man). Dat ging allemaal dus heel goed. Matthijs maakte ons nog erg aan het lachen toen hij midden in een verhaal van Tim naar de wc moest en vroeg: “Pappa, can I put you on pause please?”.

Maandags werd Matthijs ziek en kreeg hij inene meer waterpokken dan de vier waar hij al een paar dagen mee rondliep. Vrijdags begon het eindelijk iets minder te jeuken en ging het wat beter, dus die zaterdag ging hij proefdraaien bij de scouting. Hij was de enige jongen…. maar halverwege kwam een andere jongen kijken of hij het leuk vond en dat bleek een vriendje van school uit zijn klas te zijn. Het scouten vond hij leuk, alleen meisjes niet, maar samen met Damian wilde hij wel blijven zei hij.

Die week toch ook de huisarts maar weer gebeld voor Daniël; na twee weken geen last had hij weer pijn en een loopoor. Hij heeft weer een oordruppelkuur en een verwijzing voor de orenspecialist.

De zaterdag dat Matthijs eindelijk beter was werd Falco wakker vol waterpokken. In zijn oren, onder zijn haren, in zijn mond; overal zaten de nare blaasjes. Hij had meer waterpokken dan de andere twee samen, de arme ziel. Gelukkig heeft hij niet veel gekrabt en houdt hij er niets aan over.

Begin van de maand ben ik bij de nieuwe directeur van de school van Matthijs binnengestapt en heb de beleefde versie van onze perikelen afgedraaid. Ik wilde hem laten weten dat we naar een nieuwe school keken en waarom we geen vertrouwen meer hadden in deze school.

Een paar dagen later hadden we een gesprek bij de nieuwe school. Op het uiterlijk winnen ze het niet; vrolijk en vriendelijk van binnen maar echte oude benauwde schoolbouw met een grote muur erom. Matthijs zijn oude school is echt mooi ruim en open, met een groot plein en een prachtige tuin eromheen. Maar over de directeur waren we enthousiast. Hij is jong, gedreven (zijn motivatie om leraar te worden was dat hij zo’n verschrikkelijke leuke goede schooltijd gehad had, dat wilde hij voor alle kinderen wel) en wil volgend jaar de echte directeur worden (gaat die van nu met pensioen, hij is adjunct).

Wij vertelden ons verhaal en hij was hogelijk verbaasd dat we gelijk naar Riagg door verwezen werden. Hij zei dat als er gedragsproblemen waren je daar misschien wel op uitkwam uiteindelijk, dat was bij hen ook wel eens gebeurd, maar dat er eerst een heel traject met de school is. Dan maken ze handelings-plannen van zes weken met een vastgesteld probleem, een vastgesteld doel en de manieren om daar te komen. Dat doen ze zelf, daarbij proberen ze verschillende dingen uit. Hij heeft ook één keer per maand contact met de onderwijsbegeleidingsdienst en daar bespreekt hij leerlingen en kijken ze samen hoe ze eventueel kunnen helpen.

Stapje extra doen voor kinderen doen ze wel vaker, ze hebben wel materiaal in de normale lesstof voor verbreding en verrijking. Op dit moment hebben ze ook “vooruitgroepen” voor snelle slimme kinderen met een Remedial Teacher die een paar uur per week iets extra’s doet voor ze. Helaas zijn dat ongestructureerde initiatieven van de gemeente (dat ze een paar uur een RT-er erbij krijgen) en is dat volgend jaar waarschijnlijk afgelopen. Maar ik vond het al positief dat ze probeerden iets te doen en dat de leerkrachten er voor openstonden.

Bij het rondlopen kende de directeur ieder kind bij naam. De atmosfeer was heel goed, de aandacht en vooral de trots in de prestaties van hun leerlingen viel ons bij diverse leerkrachten op. Na bijna twee uur gingen we weer naar buiten, daar was de kleuterjuf aan het spelen met de kinderen. Ze vroeg hoe het was gegaan en wat we hadden gevonden, en of ze volgend jaar een nieuwe leerling zou krijgen. We vertelden dat het voor onze oudste was, die volgend jaar naar groep drie zou gaan, en vertelden iets over de problemen. Waarop háár insteek was dat *als* we zouden besluiten over te stappen, het waarschijnlijk een beter idee was om dat snel te doen zodat hij nog mee kon lopen in de kleuterklassen en daar dan even helemaal *niets* zou moeten behalve weer plezier in school krijgen.

Ik was een half uurtje thuis, besprak e.e.a. met Tim en we waren eigenlijk al om, toen de adjunct belde. Ik had het observatieverslag van Matthijs achtergelaten en dat had hij doorgelezen. Hij was blij met de beschrijvingen, dat gaf een beeld, maar hij vroeg zich af of er niet een conclusie was op schrift, of we verder niets hadden gekregen. Want hier waren wel wat stoute dingetjes, maar minstens net zoveel goede dingetjes, dus daar kon hij ook niets uithalen van grote problemen…. Ik vertelde dat we eigenlijk al hadden besloten om over te stappen, waarop hij vertelde dat de kleuterjuf hem al had gesproken en dat hij begreep dat zij voorkeur had om het snel te doen, de overstap (ze hadden elkaar gesproken! nu al!…).

Dus is Matthijs in de derde week van deze maand op de nieuwe school begonnen en hebben we het Riagg afgezegd. Het begin is veelbelovend; hij is weer de vrolijke kletskous die we kennen, is heel lief en voorkomend (kwam zelfs spontaan met een heel eigen ontbijt op bed voor me aanzetten, met vitaminepil, jus en ontbijtkoek. Mijn eerste echte kinderontbijt op bed !) en staat ‘s morgens graag op om naar school te gaan. Vriendjes maken is iets moeilijker, om als stoere vijfjarige knul bij een groep te komen waar iedereen elkaar al anderhalf jaar minstens kent is ook ingewikkeld. Maar we hebben er wel vertrouwen in dat dat gaat lukken. Al kwam hij na twee dagen wel vertellen dat “De jongens in mijn klas een uitspoking hebben uitgevoerd” – een omschrijving waar ik zelf even over na moest denken.

Deze maand begon ook de zwemles van Matthijs. De eerste les miste hij door de waterpokken en de tweede les durfde hij tot onze verbazing niet mee te doen; hij durfde zich niet eens om te kleden. We hebben uitgelegd dat hij niet hoeft, we kunnen best nog een halfjaartje wachten, maar dan moet hij dat wel zeggen anders waren we al het geld voor de zwemles voor niets kwijt. De vrijdag daarop zette hij dus zijn stoere gezicht op, zei: “Ik ben sterker dan mijn angst. Als mijn angst nog een miljoen keer sterker is ben ik *nog* steeds sterker dan mijn angst”. Om vervolgens naar de les te marcheren, direct op commando in het bad te springen en goed mee te doen. Wat een kanjer is het toch!!

Of we niet trots genoeg waren op het manneke dat deze maand maar liefst drie grote veranderingen meemaakte begon hij deze maand ook nog te pas en te onpas hele beleefde en dankbare opmerkingen te plaatsen. Van een kind van 5 verwacht je toch niet zo snel dat hij na hysterische huil- en schreeuwpartijen vanwege een ruzie met zijn vader (hij mocht niet computeren en dacht dat hij eerder wel toestemming had gekregen) aan tafel zegt: “Pappa, misschien hebben we elkaar verkeerd begrepen. Sorry dat ik zo boos werd”.

Daniël is nog erg aan het uitproberen. Ik kan me van Matthijs ook nog herinneren dat die vlak voor hij vier werd redelijk onuitstaanbaar was; dan zijn ze toe aan school volgens mij. Helaas plast hij ook nog steeds in zijn broek om te kijken of dat machtsmiddel wat uithaalt. Wat wel erg duidelijk werd toen hij beneden in zijn broek plaste terwijl ik boven de was aan het doen was. Hij kwam direct de trap op, roepend:”Mamma, waar ben je? Ik wil je zien. Mamma, ik moet op je gezicht kijken of je boos bent”.

Hij is deze maand ook met logopedie begonnen. De logopediste vindt dat hij een uitgebreid vocabulaire heeft en een uitstekende taalbeheersing voor zijn leeftijd. Maar zijn mondspieren moeten inderdaad wat geoefend en hij verwisselt de stomme klanken zodat de woorden moeilijk te verstaan worden. Geen groot probleem en niet moeilijk op te lossen verwacht ze.

Tims moeder en broer (uncle Jonathan) logeerden eind van deze maand ook een weekend hier, als tussenstation bij de reis van Engeland naar België. De jongens mochten één nachtje alledrie bij elkaar slapen; dikke pret en nooit meer slapen natuurlijk! De andere avonden werd het toch gewoon Falco in het kantoor en Matthijs en Daniël bij elkaar; dat is beter in de hand te houden.

Falco begint echt een dreumes te worden. Hij loopt zoveel hij kan, klimt overal op (en heeft van Daniël de kunst afgekeken om overal stoelen e.d. naar toe te sjouwen zodat je echt overál op kan klimmen) en brabbelt er lustig op los. Nee en no (of eigenlijk nei en no), onze namen, beneden, Jimmy weg, mamma tout, klaai, leeuw, poesje miauw (zingen we samen bij luier wisselen), banaan, yoghurt en nog wel een paar woorden. En als hij de woorden niet heeft kan hij zich ook duidelijk uitdrukken; hij kwam op een gegeven moment met een leeg pak drinkyoghurt naar me toe dat hij uit de vuilnisbak had gevist, en een lege drinkbeker, onder het roepen van “joghu, joghu”…

Hij wordt als het zo doorgaat ook de sportman van de familie. Hij balt graag, wil zowel voetballen als basketballen, en heeft een veel te goede gooi in zijn armen. We krijgen regelmatig alles wat voor handen is met grote snelheid naar ons hoofd gesmeten, en hij kan ook aardig mikken, dus dat proberen we wat in te tomen.

Op het consultatiebureau waren ze prima tevreden met zijn gewicht en lengte, maar vergaten ze het in het boekje te schrijven dus ik weet de precieze cijfers niet meer. Ongeveer gemiddeld, iets zwaarder dan voor zijn lengte zou moeten maar je ziet duidelijk dat het geen dik kind is dus dat was prima.

En om bij de cijfers te blijven; Matthijs heeft nu met 5½ maat 31 en Daniël met bijna 4 maat 26.

Leave a Comment

Your email address will not be published. Required fields are marked *